Financiële positie

 De actuele maanddekkingsgraad op basis van de door De Nederlandsche Bank (DNB) gepubliceerde rentetermijnstructuur bedraagt 117,5%. De beleidsdekkingsgraad bedraagt 119,7%. De beleidsdekkingsgraad is de basis voor het berekenen van een mogelijke indexatie. 

Hieronder ziet u in een grafiek hoe de (voorlopige) dekkingsgraad van het pensioenfonds zich vanaf begin 2016 heeft ontwikkeld. De grafiek laat de verschillende dekkingsgraden zien. De historische informatie is weggelaten, omdat De Nederlandsche Bank (DNB) vanaf 2015 andere definities voorschrijft voor de dekkingsgraden (de driemaandsmiddeling is vervallen). U ziet in deze grafiek ook de beleidsdekkingsgraad.

Dekkingsgraad grafiek september 2019 (klik op de grafiek voor een vergroting)

Dit overzicht is voor een deel gebaseerd op voorlopige cijfers. Eén keer per jaar wordt per 31 december van het betreffende jaar de definitieve dekkingsgraad berekend. Dat gebeurt op basis van de definitieve jaarcijfers van Stichting Pensioenfonds Huntsman Rozenburg. 

Ontwikkeling gemiddelde actuele dekkingsgraad (september 2019)

Ten opzichte van de vorige maand zien we voor de pensioenfondsen waarvoor AZL de dekkingsgraad becijfert een stijging van de dekkingsgraad. De stijging van de DNB dekkingsgraad bedraagt gemiddeld 1,3%-punt. Vorige maand meldden wij dat voor de AZL pensioenfondsen de gemiddelde vaste rekenrente op basis van de swapcurve 0,0% bedroeg. Eind september is de vaste rekenrente voor dezelfde fondsen gestegen naar een gemiddelde van 0,14%. Deze stijging leidt ertoe dat de waarde van de verplichtingen daalt en de dekkingsgraad stijgt. Fondsen hebben daarnaast geprofiteerd van goede aandelenrendementen. Aandelenkoersen stegen in september met circa 3%. Deze winsten werden echter teniet gedaan door verliezen op vastrentende waarden en swaps als gevolg van de gestegen rente. Gemiddeld genomen, op basis van de AZL klantenportefeuille, is er over september een negatief beleggingsrendement behaald van -0,7%. Gezien de stijging van de dekkingsgraad, betekent dit dat de waarde van de verplichtingen harder is gedaald dan de waarde van het vermogen. Gemiddeld genomen zien wij een daling van de voorziening op basis van de DNB rente van ruim 2%. Ondanks de stijging van de DNB dekkingsgraad daalt de beleidsdekkingsgraad voor de AZL klantportefeuille met gemiddeld 0,7%-punt.

Algemene ontwikkelingen (september 2019)

Tijdens zijn laatste speech als centralebankpresident bij het Europees Parlement gaf Draghi aan dat de prognoses over de economische groei verslechterd zijn en dat er eveneens geen spoedig herstel in zicht is. Per 1 november zal de ECB daarom het opkoopprogramma weer opstarten en maandelijks €20 miljard aan leningen aanschaffen. Daarnaast is de depositorente verder verlaagd. Verder stelde Draghi dat economisch sterke landen met begrotingsoverschotten, geld in hun economie moeten steken om de groei aan te jagen. Landen binnen de EU die er minder goed voor staan dienen juist structurele hervormingen door te voeren om daarmee de arbeidsproductiviteit te stimuleren.

 

Daarnaast vermeldden wij dat de nadere uitwerking van het pensioenakkoord door gaat. Het is de bedoeling dat de stuurgroep in april 2020 klaar is met de uitwerking van het pensioenakkoord. Later dat jaar volgt een hoofdlijnennotitie en begin 2021 is het de bedoeling om een wetsvoorstel stelselherziening in te dienen. De stuurgroep meldde verder om vooralsnog uit te gaan van de huidige rekenrente bij de uitwerking van het nieuwe stelsel. Minister Koolmees gaf daarenboven aan de kortingsdreiging los te koppelen van de uitwerking van het pensioenakkoord. In het bijzonder zei minister Koolmees afgelopen maand ook te willen kijken naar de regels omtrent kortingen die dreigen naar aanleiding van de herstelplannen. De komende tijd wil de minister verder duidelijk krijgen of het nieuwe stelsel past bij Europese wet- en regelgeving. In het bijzonder gaat het dan over de houdbaarheid van de verplichtstelling en het invaren van bestaande pensioenaanspraken naar een nieuw contract. Tot slot wordt verder onderzoek gedaan naar de mogelijkheden rondom vrijwillige aansluiting van zelfstandigen bij pensioenfondsen en het opnemen van een lumpsum bedrag.   

Wat is een dekkingsgraad?

De financiële positie van Stichting Pensioenfonds Huntsman Rozenburg is onder meer te zien aan de dekkingsgraad. De dekkingsgraad is een percentage. Het geeft de verhouding aan tussen het kapitaal dat het  fonds bezit en het kapitaal dat het fonds nodig heeft om nu en in de toekomst alle opgebouwde pensioenen uit te kunnen betalen.

Een dekkingsgraad van 100% betekent dat een pensioenfonds precies genoeg geld heeft om alle nominale pensioenen uit te betalen. Maar geen geld over houdt voor bijvoorbeeld toeslagverlening en de administratiekosten. Bij een dekkingsgraad van 105% heeft het pensioenfonds voor elke euro die het aan pensioen moet uitkeren, €1,05 beschikbaar.

Huidige dekkingsgraad

Elke maand berekenen we onze dekkingsgraad.  Dat gebeurt op basis van de daadwerkelijke marktrente. Daarnaast gebruiken we ook een kunstmatige rente (de zogenoemde UFR-rente). Deze rente heeft De Nederlandsche Bank (DNB) geïntroduceerd. Op onze website publiceren we beide dekkingsgraden. Sinds 1 januari staat daar nog een derde dekkingsgraad bij, de beleidsdekkingsgraad.

Elke dag anders

De dekkingsgraad is een momentopname. Hij verschilt van dag tot dag. De financiële positie van het pensioenfonds verandert namelijk continu. Zo stijgt en daalt de waarde van aandelen en andere beleggingen, vertrekken er deelnemers en gaan er mensen met pensioen.

(Minimaal) vereiste dekkingsgraad

Het pensioenfonds is verplicht de actuele dekkingsgraad te melden aan toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB). Die kijkt of het pensioenfonds geen tekorten heeft. Dat doet ze onder meer aan de hand van:

  • de vereiste dekkingsgraad  (bij uw pensioenfonds: 118,4% per 31-12-2018) en
  • de minimaal vereiste dekkingsgraad (bij uw pensioenfonds 104,0% per 31-12-2018)


Als de actuele dekkingsgraad op of boven de vereiste dekkingsgraad ligt heeft het pensioenfonds voldoende reserves om aan al zijn verplichtingen te voldoen. Komt het pensioenfonds onder de vereiste dekkingsgraad, dan is er een tekort aan reserves. De DNB wil dat het pensioenfonds dan een lange termijn herstelplan opstelt. In dit plan staat hoe het pensioenfonds binnen 15 jaar zal herstellen.

De problemen beginnen echt als de actuele dekkingsgraad onder de absolute ondergrens komt: de minimaal vereiste dekkingsgraad. Dan is er sprake van een dekkingstekort. Het pensioenfonds moet dan maatregelen nemen om het tekort binnen 3 jaar aan te vullen.